v.a. €5,24 p/m*
Na het overlijden wordt de huisarts gewaarschuwd, maar wie waarschuwt de schouwarts daarna bij een niet-natuurlijke dood, waarbij geen sprake is van een misdrijf?
Na een sterfgeval moet een schouwarts de doodsoorzaak vaststellen. De schouwarts wordt, afhankelijk van de situatie, gewaarschuwd door de huisarts, de politie of medisch personeel van een ziekenhuis of verzorgingshuis. Nadat iemand overlijdt, treden er diverse protocollen in werking. Eén van de belangrijkste is de lijkschouwing door de schouwarts. Die moet de doodsoorzaak vaststellen en de akte van overlijden opstellen. Die akte is nodig om tal van vervolgstappen, waaronder het regelen van een uitvaart, te kunnen nemen. De schouwarts kan door verschillende partijen worden ingeseind, afhankelijk van de situatie.
Huisarts
In veel gevallen wordt de schouwarts gewaarschuwd door de huisarts. Sterfgevallen die verwacht worden – omdat iemand op zijn of haar sterfbed ligt en het slechts een kwestie van tijd is voordat het overlijden volgt – worden normaal gesproken begeleid door de huisarts. Die komt dan ter plaatse, of is daar al, om de persoon in de laatste fase bij te staan. Dit is ook het geval wanneer er gekozen wordt voor euthanasie. De schouwarts wordt dan direct na het overlijden door de huisarts aangeroepen, en gaat over tot het vaststellen van de doodsoorzaak.
Politie
Overlijdt iemand onverwachts, of bijvoorbeeld door een ongeval of misdrijf, dan komt vaak de politie en andere hulpdiensten ter plaatse. Als inderdaad blijkt dat er sprake is van een sterfgeval, zullen zij de schouwarts waarschuwen, die vervolgens ook ter plaatse komt. In geval van een misdrijf moet het lichaam overigens eerst door de officier van justitie worden vrijgegeven, voordat nabestaanden verder kunnen met bijvoorbeeld een uitvaart. Dit omdat de omstandigheden rondom het overlijden eerst nauwkeurig onderzocht moeten worden.
Medisch personeel
Veel mensen overlijden in een ziekenhuis, verzorgingstehuis of hospice. In zo’n geval staat er altijd een schouwarts stand-by die eenvoudig bereikt kan worden door medisch personeel van zo’n locatie. Direct na overlijden wordt de schouwarts aangeroepen en zal hij of zij snel ter plaatse komen. In veel ziekenhuizen is overigens standaard een schouwarts op locatie aanwezig. Bij aanwezigheid van de politie bij een (vermoedelijk) niet-natuurlijk overlijden schakelt de politie de gemeentelijke lijkschouwer in. Bij onduidelijkheid en twijfels met betrekking tot de correctheid van de lijkschouw en bij een (vermoedelijk) niet-natuurlijk overlijden mag overigens iedere Nederlander de gemeentelijke lijkschouwer consulteren. Een gemeentelijk lijkschouwer is te bereiken via de meldkamer van de politie of de GGD.
Zelf schouwarts waarschuwen
Hoewel het niet gebruikelijk is, kan iedereen in Nederland in theorie een schouwarts bereiken en aanroepen. In de praktijk nemen mensen contact op met algemene hulpdiensten als zij bijvoorbeeld een overleden persoon vinden, maar het is mogelijk om via de GGD contact op te nemen met de dienstdoende schouwarts.
Je kunt ook een schouwarts consulteren als je, om wat voor reden dan ook, twijfels hebt over de doodsoorzaak die een andere schouwarts op papier heeft gezet. Dit wordt een second opinion genoemd. Hoewel niet gebruikelijk, is het je recht als nabestaande om zo’n second opinion aan te vragen als je twijfels hebt bij het werk van een eerdere schouwarts. Ook hiervoor leg je contact met de GGD.
Schouwarts verplicht
Goed om te weten is dat lijkschouwing en vaststelling van de doodsoorzaak door een schouwarts in Nederland bij wet verplicht is. Het is een stap die niet mag worden overgeslagen, op welke grond dan ook. Meld je ergens een sterfgeval – bij het ziekenhuis, de huisarts, 112, of waar dan ook – dan zul je om deze reden merken dat er altijd een schouwarts wordt aangeroepen. Volgens de Wet op de Lijkbezorging (artikel 7) stelt de schouwarts de gemeentelijke lijkschouwer op de hoogte.